Artikel 3.1 Wro
De gemeenteraad is exclusief bevoegd een bestemmingsplan ex artikel 3.1 Wro vast te stellen (Raad van State 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:306)

Gepubliceerd door Rechtspraak bestuursrecht op
De gemeenteraad is exclusief bevoegd een bestemmingsplan ex artikel 3.1 Wro vast te stellen (Raad van State 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:306)

De bepalingen uit de Omgevingswet en het Besluit kwaliteit leefomgeving strekken o.a. tot bescherming van de natuurwaarden van een Natura 2000-gebied (stikstof) en dit zijn algemene belangen (individuele belangen van een natuurlijk persoon bij het behoud van een goede kwaliteit van zijn woon- en leefomgeving, waarvan een Natura 2000-gebied deel uitmaakt, kunnen bij de vaststelling van een omgevingsplan (ex artikel 2.4 Omgevingswet) zo verweven zijn met voormelde algemene belangen, dat niet kan worden geoordeeld dat de betrokken normen kennelijk niet strekken tot bescherming van zijn belangen (relativiteitsvereiste ex artikel 8:69a Awb) (Raad van State 31 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1782)

Artikel 22.6 lid 1 Ow staat – afgaand op de redactie en de letterlijke uitleg daarvan – niet in de weg aan het opnemen van een voorrangsregel in het (nieuwe deel van het) omgevingsplan ex artikel 2.4 Ow (met een voorrangsregel komen de regels die zijn opgenomen in de ruimtelijke plannen, welke plannen deel uitmaken van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, immers niet te vervallen en deze regels worden ook niet geschrapt of verwijderd) (Raad van State 18 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1510)

De Omgevingswet kent niet de mogelijkheid van afzonderlijke onteigening van beperkte rechten, of van persoonlijke rechten, zoals huur of pacht, onteigening ziet in alle gevallen op de onroerende zaak (aanwijzing van te onteigenen onroerende zaken ex artikel 11.3 Ow) (Raad van State 4 februari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:629)
