Artikel 7.21 Bbl
Degene die bij sloopwerkzaamheden asbest of een asbesthoudend product verwijdert, zorgt er voor dat:
a. de verwijderingshandeling, wanneer technisch mogelijk, als eerste wordt verricht wanneer het bouwwerk wordt gesloopt;
b. verwijderde asbest en asbesthoudende producten, onmiddellijk van niet-asbesthoudende producten worden gescheiden;
c. verwijderde asbest en asbesthoudende producten onmiddellijk worden verzameld en, tenzij dit door vorm of formaat niet mogelijk is, worden verpakt in niet-luchtdoorlatend verpakkingsmateriaal van zodanige dikte en sterkte dat deze niet scheurt waarbij:
1°. de verpakking van de verpakte asbest en asbesthoudende producten onmiddellijk wordt afgesloten en opgeslagen in een afgesloten opslagplaats; en
2°. de niet verpakte asbest en asbesthoudende producten onmiddellijk worden opgeslagen in een afgesloten container;
d. na het verwijderen volgens onderdeel a geen resten asbest achterblijven;
e. het verpakkingsmateriaal op duidelijke wijze is voorzien van aanduidingen volgens aanhangsel 7 bij bijlage XVII bij Externe link: verordening (EG) 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (PbEU 2006, L 396); en
f. de verwijderde asbest en asbesthoudende producten binnen twee weken na de onder a bedoelde verwijderingshandeling worden afgevoerd naar een bedrijf als bedoeld in paragraaf 3.5.6 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
Rechtspraak artikel 7.21 Bbl (asbestverwijdering anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf)
