Artikel 2.22 Wabo

  • In een omgevingsvergunning worden het project en de activiteiten waarop het betrekking heeft, duidelijk beschreven.
  • Aan een omgevingsvergunning worden de voorschriften verbonden, die nodig zijn met het oog op het belang dat voor de betrokken activiteit is aangegeven in het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2.10 tot en met 2.20. Indien toepassing is gegeven aan artikel 2.27, vierde lid, worden aan een omgevingsvergunning tevens de bij de verklaring aangegeven voorschriften verbonden. De aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften zijn op elkaar afgestemd.
  • Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden voor daarbij aangewezen categorieën activiteiten of gevallen regels gesteld met betrekking tot het verbinden van voorschriften aan de omgevingsvergunning. Hiertoe kunnen behoren regels met betrekking tot:
    • a. voorschriften ter uitvoering van een voor Nederland verbindend verdrag of een voor Nederland verbindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie met betrekking tot de fysieke leefomgeving;
    • b. voorschriften, inhoudende een verplichting om te voldoen aan nadere eisen die door een bij het voorschrift aangewezen bestuursorgaan worden gesteld;
    • c. voorschriften, inhoudende een verplichting voor het krachtens onderdeel b aangewezen bestuursorgaan om van de in dat onderdeel bedoelde eisen op een daarbij aan te geven wijze openbaar kennis te geven;
    • d. voorschriften die nodig zijn met het oog op het belang van de archeologische monumentenzorg;
    • e. voorschriften die niet aan de omgevingsvergunning kunnen worden verbonden.
  • Bij een verordening als bedoeld in artikel 2.2 kunnen voor de betrokken categorieën activiteiten eveneens regels worden gesteld met betrekking tot het verbinden van voorschriften aan de omgevingsvergunning.
  • Voor zover met betrekking tot de activiteit algemeen verbindende voorschriften gelden, kunnen de voorschriften die aan de vergunning worden verbonden daarvan alleen afwijken voor zover dat bij die regels is toegestaan. In afwijking van de eerste volzin worden aan een omgevingsvergunning die betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, met betrekking tot een inrichting waartoe een IPPC-installatie behoort, voorschriften verbonden die afwijken van de algemeen verbindende voorschriften, bedoeld in de eerste volzin, voor zover met die voorschriften niet wordt voldaan aan het bepaalde bij of krachtens het tweede of derde lid of artikel 2.14.
  • Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in daarbij aangewezen categorieën gevallen regels worden gesteld omtrent het voorbereiden, vormgeven, inrichten of beschikbaar stellen van een omgevingsvergunning of omtrent de uitvoerbaarheid daarvan.

Rechtspraak

Op grond van artikel 2.22 lid 2 Wabo kunnen uitsluitend die voorschriften aan een vergunning worden verbonden die zien op de activiteit(en) die is/zijn aangevraagd (bijvoorbeeld bouwen of gebruik in strijd met het planologisch regime)Raad van State 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:225
Het bestuursorgaan dat een verklaring van geen bedenkingen ex artikel 2.27 Wabo moet afgeven kan vergunningvoorschriften voorschrijven of reeds gegeven voorschriften wijzigen (artikel 2.22 lid 2 Wabo)Raad van State 10 september 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3354
Voorschriften die gaan over de activiteit gebruik kunnen niet aan een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen ex artikel 2.1 lid 1 onder a Wabo worden verbondenRaad van State 7 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2612
error: Het kopiëren van deze pagina is helaas niet toegestaan.