Artikel 3:18 Awb

  • Indien het een besluit op aanvraag betreft, neemt het bestuursorgaan het besluit zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk zes maanden na ontvangst van de aanvraag.
  • Indien de aanvraag een zeer ingewikkeld of omstreden onderwerp betreft, kan het bestuursorgaan, alvorens een ontwerp ter inzage te leggen, binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag de in het eerste lid bedoelde termijn met een redelijke termijn verlengen. Voordat het bestuursorgaan een besluit tot verlenging neemt, stelt het de aanvrager in de gelegenheid zijn zienswijze daarover naar voren te brengen.
  • In afwijking van het eerste lid neemt het bestuursorgaan het besluit uiterlijk twaalf weken na de terinzagelegging van het ontwerp, indien het een besluit betreft:
    • a. inzake intrekking van een besluit;
    • b. inzake wijziging van een besluit en de aanvraag is gedaan door een ander dan degene tot wie het te wijzigen besluit is gericht.
  • Indien geen zienswijzen naar voren zijn gebracht, doet het bestuursorgaan daarvan zo spoedig mogelijk nadat de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen is verstreken, mededeling op de wijze, bedoeld in artikel 3:12, eerste en tweede lid. In afwijking van het eerste of derde lid neemt het bestuursorgaan het besluit in dat geval binnen vier weken nadat de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen is verstreken.

Rechtspraak

Tegen een verlengingsbesluit als bedoeld in artikel 3:18 lid 2 Awb staat voor de aanvrager geen beroep open, tenzij de aanvrager los van het nemen van het besluit door de enkele verlenging rechtstreeks in zijn belang wordt getroffenRaad van state 19 augustus 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2653
Als niet kan worden vastgesteld of de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van toepassing is (omdat dit afhankelijk is van de vraag of het besluit wordt afgegeven of wordt geweigerd), wordt de beslistermijn geacht te zijn overschreden als het bestuursorgaan binnen 14 weken na ontvangst van de de aanvraag geen regel besluit heeft genomen of een ontwerp van het besluit ter inzage heeft gelegd (artikel 3:18 Awb)Raad van State 3 december 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BK8222
Bij een vernietiging van een besluit hoeft niet opnieuw de uniforme openbare voorbereidingsprocedure te worden doorlopen, tenzij dit gelet op de aard en ernst van de gebreken vereist is (artikel 3:18 Awb)Raad van State 8 september 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BN6142
error: Het kopiëren van deze pagina is helaas niet toegestaan.