Artikel 8:88 Awb

  • De bestuursrechter is bevoegd op verzoek van een belanghebbende een bestuursorgaan te veroordelen tot vergoeding van schade die de belanghebbende lijdt of zal lijden als gevolg van:
    • a. een onrechtmatig besluit;
    • b. een andere onrechtmatige handeling ter voorbereiding van een onrechtmatig besluit;
    • c. het niet tijdig nemen van een besluit;
    • d. een andere onrechtmatige handeling van een bestuursorgaan waarbij een persoon als bedoeld in artikel 8:2, eerste lid, onder a, zijn nagelaten betrekkingen of zijn rechtverkrijgenden belanghebbende zijn.
  • Het eerste lid is niet van toepassing indien het besluit van beroep bij de bestuursrechter is uitgezonderd.

Rechtspraak

Een separate beroepsprocedure tegen een zelfstandig schadebesluit is niet mogelijk (artikel 8:88 Awb)Raad van State 24 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1348
Onder omstandigheden kan aan een rechtspersoon immateriële schade worden toegekend (artikel 8:88 Awb)Europees Hof voor de Rechten van de Mens 6 april 2000, ECLI:NL:XX:2000:AB9386
Vergoeding van de proceskosten als bedoeld in artikel 8:75 valt niet onder het bereik van artikel 8:88 AwbCentrale Raad van Beroep 18 juli 2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AY5578
Van schade van een onjuist besluit is geen sprake indien ten tijde van het nemen van dat besluit een rechtmatig besluit had kunnen worden genomen, dat tot dezelfde schade zou hebben geleid. Het bestuursorgaan moet wel aannemelijk maken dat dit besluit ook daadwerkelijk zou worden genomen (artikel 8:88 Awb)Raad van State 28 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3462
Causaliteit tussen het schadeveroorzakende besluit en de schade als bedoeld in artikel 8:88 Awb ontbreekt als degene die de schade wenst te verhalen geen adequate maatregelen heeft genomen om de schade te beperken/voorkomenRaad van state 23 januari 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AD9040
Met de gehele of gedeeltelijke vernietiging van een besluit is de onrechtmatigheid van dit besluit gegeven (artikel 8:88 Awb)Hoge Raad 31 mei 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC0261
Bij een herroeping van een besluit leidt niet automatisch tot het oordeel dat het besluit onrechtmatig is, dit is afhankelijk van de reden voor herroeping van het besluit (artikel 8:88 Awb)Hoge Raad 20 februari 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2588
Bij een overschrijding van de termijn voor het nemen van een besluit is niet automatisch sprake van aansprakelijkheid voor het bestuursorgaan, hier zijn bijkomende omstandigheden voor nodig waaruit blijkt dat het bestuursorgaan onzorgvuldig tegen de benadeelde heeft gehandeld (artikel 8:88 Awb)Raad van State 24 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:476
Overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM door het bestuursorgaan of de rechter geeft in beginsel aanleiding voor vergoeding van immateriële schade (artikel 8:88 Awb)Raad van State 6 augustus 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2954
Bij bestuursrechtelijke zaken geldt een maximale redelijke termijn voor bezwaar, beroep en hoger beroep van in totaal vier jaar (0,5 jaar voor bezwaar, 1,5 jaar voor beroep en 2 jaar voor hoger beroep) (artikel 8:88 Awb)Raad van State 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:188
Bij rechtstreeks beroep als bedoeld in artikel 7:1a Awb geldt een maximale redelijke termijn van 3,5 jaar (1,5 jaar voor beroep en 2 jaar voor hoger beroep) (artikel 8:88 Awb)Centrale Raad van Beroep 2 december 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:2574
Het tijdstip van aanvang van de redelijke termijn ligt op het moment waarop er een standpunt van het bestuursorgaan ligt waarvan duidelijk is dat een belanghebbende daartegen bezwaar wil maken (normaal gesproken is dit bij de ontvangst van een bezwaarschrift) (artikel 8:88 Awb)Centrale Raad van Beroep 26 september 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:3164
Procedures inzake zienswijzen, voorbereidingen op besluiten, voornemens en aanvragen tellen niet mee voor de redelijke termijn (artikel 8:88 Awb)Raad van State 6 augustus 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2954
Tijd gemoeid met mediation of minnelijk overleg telt niet mee voor de redelijke termijn (artikel 8:88 Awb)Raad van State 29 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3844
De tijd die samenhangt met het afwachten van een prejudiciële beslissing van het Hof van Justitie van de Europese Unie telt niet mee voor de redelijke termijn, mits dit redelijk is (artikel 8:88 Awb)Raad van State 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:188
error: Het kopiëren van deze pagina is helaas niet toegestaan.